11 Steden tocht op de schaats - Eigenlijk hadden we net als vele bekende nederlanders op zaterdag 11 februari de elfstedentocht moeten rijden. Maar kon er met mijn broer en neef niet uitkomen, dus de 5 gemeententocht maar gereden. In AldeLeije komen we mijn zwager Frederik tegen, die zwaar baalt, hij had ook de elfstedentocht willen rijden. Gelijk maar afgesproken dat we dan maar de volgende dag onze laatste kans gaan pakken deze winter. ís Avonds word ik toch wel een beetje zenuwachtig want er wordt ís ochtends sneeuw en een zuidwestenwind voorspeld, dan wordt het eerste stuk richting Stavoren niet echt fijn. Ook nog even een gpx track van het internet gedownload voor in mijn Garmin fietscomputer die ik maar meeneem om niet te verdwalen. Om half zeven komen we aan op de boksumerdaam en binden in het donker onze schaatsen onder. Steeds zie je kleine groepjes fanatiekelingen afsteken voor de lange tocht. Ook komen er groepjes over het Van Harinxmakanaal geschaatst vanuit de stad, die hebben de friese media waarschijnlijk niet gevolgd waarin voor dit stuk werd gewaarschuwd. We rijden het eerste half uur in het donker over de Zwette samen met 6 Amsterdammers richting Sneek. Op zich is het zonder lampjes ook nog wel wat te zien, de scheuren lichten wit op in het zwarte ijs, dus dat is wel te doen. Af en toe valt er natuurlijk wel iemand maar dat hoort er een beetje bij. In Sneek laten we de amsterdammers achter ons omdat die wel wat trage kluners bij zich hadden. Gelukkig hoeft dit maar bij 2 bruggen. IJlst is maar een kort stukje en we zijn ook zomaar in Woudsend. Het weer is nog steeds goed, geen neerslag en van de wind hebben we ook nog weinig last. We komen vervolgens, via de rand van het Slotermeer waar het ijs slecht is, om 9 uur in Sloten (38km) aan. Vervolgens richting de gevreesde Luts door Balk. Dit valt heel erg mee, er is ís ochtends nog een baan door geveegd en het ijs kan er ook meer door, dus we rijden vlot door richting de Galamadammen. Hier krijgen we een stuk met slecht ijs en nu toch een behoorlijke tegenwind. Om half elf zijn we in Stavoren (66 km), doordat de wind nu in de rug staat kunnen we nu op ons gemakje richting Dokkum schaatsen. Halverwege Hindelopen is het mijn beurt om te vallen. Ik klap vrij hard met mijn knieŽn op het ijs, daar houd ik wel wat last van. Frederik ligt wel wat vaker op het ijs, maar dat is maar goed, want hij schaatst sneller dan mij dus dat compenseert een beetje. In Parrega op mijn pijnlijke knieŽn nog onder een brug doorgekropen, dat doe ik dus ook niet meer, dan ga ik liever een stukje klunen.

Rond 12 uur passeren we Bolsward, met 99 km ongeveer op de helft van de route. Vanaf Bolsward is het half wind mee half wind tegen, ik krijg vreselijk last van mijn grote teen, dus in witmarsum maar even de schaats uitgehad. Er is niks aan te zien, dus maar weer verder. Na een flink stuk klunen in Kimswerd zijn we kwart over een in Harlingen (118 km). Bij de spoorbrug moeten we van het ijs. Twee van mijn zussen staan klaar met de auto om ons naar de overkant van de binnenstad en het Van Harinxmakanaal te brengen. Na onze reserves te hebben aangevuld met een warme maaltijd van bami en tomatensoep vetrekken we om half twee richting Franeker. Tussen Harlingen en Franeker moet er 5 keer gekluund worden, na zoveel kilometers wordt dit wel een steeds lastiger klusje. Gelukkig is het na Franeker weer beter en rond drie uur komen we aan op de BŻterhoeke (142 km), waar Sebastian en Jeltje met de nodige doping klaarstaan om ons door de hel van het noorden te helpen.

Nu wacht ons het vervelendste stuk, tot Aldeleije, het is gelukkig maar een kilometer of 10 en we schaatsen rustig en zonder veel schade verder, zodat we om 4 uur al in Bartlehiem zijn. Nu op naar Dokkum (174 km) waar we even voor vijven worden opgewacht door een grote schare fans (+/- 15 man), vrouw en kinderen, de buren, mijn zussen en nog wat familie van Frederik. Na onze bagage te hebben afgegeven en nog wat laatste verfrissingen weer op naar Leeuwarden voor het laatste stuk. Dit laatste stuk gaat eigenlijk ook voorspoedig, de enkels zijn helemaal verrot maar ik heb nog wel wat energie in de benen om door te gaan. Oudkerk laten we links liggen, daar zit inmiddels een groot wak waar je een paar honderd meter moet klunen. We rijden bij Bartlehiem rechtdoor naar Leeuwarden, waar we via Snakkerburen om even na zessen in het laatste schemerlicht de Bonke opdraaien. Daar komen we dan van de andere kant richting de finish waar Heidi en de kinderen en Sebastian en Jeltje ons opwachten. We krijgen van Marije ook nog elk een Ďechtí kruisje. Kapot maar voldaan binden we voor het laatst deze winter onze schaatsen af en vertrekken in het donker naar huis, na elf en een half uur schaatsen.